Klimaatverandering

Het klimaat verandert. Steeds vaker wisselen langdurig droge periodes met hoge temperaturen af met kortstondige heftige regenbuien. In het stedelijk gebied, waar meer en meer verharding wordt aangelegd, neemt de hinder van wateroverlast en droogte hierdoor toe.

Onbalans tussen droogte en neerslag heeft negatieve gevolgen voor het milieu, de economie en onze maatschappij. Ook is er steeds meer behoefte aan schoon water van goede kwaliteit en in de juiste hoeveelheid voor allerlei gebruiksdoeleinden.

Om onze eerste levensbehoefte te beschermen is de tijd  aangebroken om de natuur een handje te helpen.

 

Klimaatverandering heeft onder meer de volgende gevolgen:

  • Overstromingen door stijgende zeespiegel en extreem weer
    Als de gemiddelde temperatuur stijgt, stijgt de zeespiegel. Water zet uit als het warmer wordt. Bovendien smelten gletsjers en ijskappen. Er komt dan meer massa in het water terecht, waardoor de zeespiegel stijgt. Klimaatverandering veroorzaakt ook extreme regenbuien en langdurige natte periodes. Het gevaar op overstromingen neemt toe;
  • Minder drinkwater beschikbaar door droogte
    Naast extreem natte periodes, kan een warmer klimaat ook juist extreem droge periodes veroorzaken. Dit kan de drinkwatervoorziening in gevaar brengen.
  • Onvoldoende zoet water door extreme droogte
    Een probleem bij extreme droogte is verzilting. Rivieren voeren dan onvoldoende zoet water richting de zee. Hierdoor kan bijvoorbeeld het zoute zeewater Nederland in stromen en mengen met zoet rivierwater, grondwater en slootwater. Zout water is ongeschikt om drinkwater van te maken. Uiteindelijk brengt verzilting de drinkwatervoorziening dus in gevaar.
  • Slechte oogsten door zout water
    De verzilting bij extreem droogte kan in de landbouw voor problemen zorgen bij gevoelige gewassen, zoals bloembollen. Vooral als er teveel zout terechtkomt in water dat voor irrigatie en beregening van gewassen wordt gebruikt. Dit tast de wortels van de gewassen aan. Zo kan de oogst verloren gaan.
  • Te weinig koelwater voor elektriciteitscentrales
    Elektriciteitscentrales hebben koelwater nodig om elektriciteit te produceren. Minder water in de rivieren kan dus problemen veroorzaken voor de elektriciteitsproductie;
  • Meer algenbloei in zwemwater door hogere temperatuur
    Hogere watertemperaturen vergroten het risico op algenbloei in meren, plassen en sloten. Sommige algen zijn slecht voor de gezondheid, waardoor er steeds vaker een zwemverbod geldt in de zomer.
  • Biodiversiteit verandert door klimaatverandering
    Als de gemiddelde wereldtemperatuur stijgt, kunnen planten en dieren verdwijnen. Sommige soorten kunnen niet leven in een hogere temperatuur. Er kunnen ook planten- en diersoorten bijkomen. Soorten uit zuidelijke landen rukken op naar het noorden

Bron: Rijksoverheid